Ademhalen aan de Costa de la Luz

Een zee aan ruimte

De zuidwesthoek van Spanje blijft voor veel toeristen onderbelicht. Cádiz en El Rocío doen misschien nog wel een belletje rinkelen, maar Huelva en oude vissersdorpen als El Rompido blijven vaak buiten beeld. Toch is dit een kust met meer dan 3000 zonuren per jaar, waar een belangrijk hoofdstuk uit de Spaanse geschiedenis begon: van hieruit vertrok Columbus naar de Nieuwe Wereld.

Tekst: Huib Afman

De Costa del Sol of de Costa de la Luz; de zon of het licht? Qua naamgeving lijkt het verschil tussen beide kustgebieden te verwaarlozen, maar er is een onweerlegbare waarheid: waar het toerisme rond Málaga en Marbella zich concentreert rond luxe resorts en er een strandcultuur heerst gericht op comfort en vermaak, lijken de aanmerende cruiseschepen in Cádiz de enige vorm van toeristische hoogbouw die aan datzelfde sentiment appelleren.

Met eenzelfde zonzekerheid van rond de 3000 zonuren bestaat er feitelijk geen competitie, maar waar zit het verschil dan wél in? De Atlantische Oceaan die koeler is dan de Middellandse Zee? Voor een strandliefhebber kan da t zeker meespelen. Het klopt dat de Costa del Sol profiteert van stabieler mediterraan weer en een warmer karakter, waar de Costa de la Luz die hoge zonzekerheid juist combineert met een Atlantische dynamiek: die van wind, lichtere hitte en soms een bijna oogverblindende lichtkwaliteit. Doordat de zon boven de oceaan en op de brede stranden weerkaatst, voelt het licht anders; het doet ruimer en zachter aan. Het is alsof het zonlicht hier minder weegt.

Terug naar Matalascañas
Twaalf jaar geleden, toen ik in Sevilla woonde, was er één strand altijd dichtbij: Matalascañas. Een typisch Spaanse badplaats met witgepleisterde flatgebouwen en restaurants met plastic serretenten. Met één iconisch herkenningspunt: het stenen fundament van een verdedigingstoren in zee, een tastbare herinnering aan de verwoestende aardbeving van Lissabon in 1755.
Soms moet je ergens terugkomen om een plek op waarde te schatten. Twaalf jaar na mijn eerste bezoek ligt de weg naar Matalascañas er nog steeds hetzelfde bij, een corridor tussen twee werelden: het bewoonde Andalusië achter je, voor je de ongetemde Doñana. Dat nationale park zegt veel over wat de Costa de la Luz is: ruimte. Adem.

Ruimte en devotie
La Doñana zelf is een deltalandschap van moerassen en duinen, een cruciaal biosfeerreservaat voor trekvogels tussen Afrika en Europa, het leefgebied van de Spaanse keizerarend en de bedreigde Iberische lynx. Eeuwenlang was dit het jachtgebied van de Spaanse adel, al is het vooral bekend vanwege dat ene dorpje: El Rocío, waar elk jaar rond Pinksteren een massale pelgrimstocht plaatsvindt.

Dat werpt een ander licht op deze streek. Hoogtepunt is het moment waarop het beeld van de Virgen del Rocío de kapel verlaat. Pelgrims uit heel Andalusië nemen deel aan de processie: te voet, te paard en zelfs per klassieke ossenwagen. De mix van emotionele sevillanas en opzwepende flamenco, de hoogoplopende emoties, het maakt dit tot een moment van pure devotie. Een beeld dat sterk contrasteert met de rust en ruimte die langs de Costa de la Luz domineren. Het ene licht is het andere niet, in dit betoverende landschap.

Het hele artikel lezen? Koop Por Favor Spanje in de winkel. of bestel ‘m hier!

  • Website gerealiseerd door Daily Creative Agency

    Online Marketing gerealiseerd door Marketing Concepts B.V.